Nieuws & Blog

www.immaterieelerfgoed.be

Embed

  1. Woonwagencultuur, klompencultuur, rederijkerskamers, Godelieveprocessie en Pikkeling erkend als immaterieel erfgoed
  2. Minister van Cultuur Sven Gatz heeft vijf elementen toegevoegd aan de Inventaris Vlaanderen voor Immaterieel Cultureel Erfgoed. Het gaat om de woonwagencultuur, de klompencultuur, de Godelieveprocessie uit Gistel, Rederijkerscultuur en het oogstfeest de Pikkeling uit de Aalsterse Faluintjesstreek.
  3. Twee keer per jaar kunnen elementen van immaterieel cultureel erfgoed worden opgenomen op de Inventaris Vlaanderen voor Immaterieel Cultureel Erfgoed. Minister Sven Gatz: “Die inventaris is de lijst van culturele tradities die mensen actief in leven willen houden. Een opname op die lijst draagt bij tot de zichtbaarheid van de traditie en stimuleert publiek en betrokkenen om er bewust mee om te gaan. De lijst telt nu 50 elementen.”
    Het interactief platform immaterieelerfgoed.be fungeert als een ontmoetingsplaats voor immaterieel cultureel erfgoed in Vlaanderen. Organisaties en personen maken er zich bekend. Het is een inspiratiebron, kennisbank en contactforum voor al wie immaterieel cultureel erfgoed mee een toekomst wil bieden. Dit erfgoed wordt hier in kaart gebracht, verspreid en doorgegeven. We noemen dit borgen: erfgoed veilig stellen voor de toekomst en er ook de passie voor delen en beleven.
  4. De woonwagencultuur is het geheel van tradities, gebruiken en opvattingen van mensen die sinds generaties permanent in een woonwagen (willen) wonen. In Vlaanderen zijn er drie gemeenschappen woonwagenbewoners: de Voyageurs, de Manoesjen en de Roms. Deze drie groepen delen een leefwijze waarin het wonen op wielen centraal staat. Woonwagenbewoners koesteren een nomadische levenswijze en het vrijheidsgevoel dat daarmee verband houdt. Hun grote behoefte aan mobiliteit uit zich niet alleen in het rondreizen op zich, maar ook in levenswijze en gebruiken die met dat flexibele bestaan verbonden zijn.
    Een ander centraal gegeven dat woonwagenbewoners gemeenschappelijk hebben, is het leven in familieverband. Zij kiezen er bewust voor om kleinschalig, maar familiaal te wonen. Sommige typerende beroepen, zoals het ophalen van oud ijzer of messenslijpen, werden tot nog toe bijna uitsluitend door woonwagenbewoners uitgeoefend. Deze traditionele beroepen evolueren naargelang de maatschappelijke veranderingen. Ook dat is deel van de wijze waarop de woonwagenbewoner zich steeds weer dynamisch aanpassen aan nieuwe contexten. Verder spelen muziek en religie een belangrijke rol in het leven van de drie gemeenschappen. Elke subgroep heeft ook een eigen taal en woordenschat.
  5. De klompenmakerij was ooit een belangrijke bedrijfstak met een specifieke technische kennis. Veel van deze kennis is al verloren. Maar er is nog steeds een dynamische erfgoedgemeenschap actief. Ook het dragen van klompen was ooit heel gewoon, maar is nu vrij uitzonderlijk geworden. Tegelijk hebben klompen heel wat voordelen, nieuwe mogelijkheden en is er een herwaardering aan de gang. De voordelen laten inzien en mensen de kans bieden om klompen te ontdekken als alternatief schoeisel, zijn doelstellingen van de gemeenschap rond de klompencultuur. Nu de generatie die haar jeugd op klompen heeft doorgemaakt aan het uitsterven is en de laatste professionele klompenmakers er het bijltje bij neer leggen, vindt de gemeenschap het hoog tijd om het erfgoed van het dragen en maken van klompen te koesteren, door te geven en te herwaarderen.
  6. De Godelieveprocessie trekt jaarlijks op de eerste zondag na 5 juli door de straten van het centrum van Gistel. Meer dan duizend vrijwilligers uit Gistel en de wijde omgeving beelden in achttien taferelen het leven, de marteldood, de heiligverklaring en de verheerlijking van Godelieve uit. De processie maakt onderdeel uit van de zogenaamde Godelievedagen, de periodetussen 6 en 30 juli. In deze periode komen heel wat pelgrims naar de Godelieve-abdij, waar Godelieve is vermoord, en naar de kerk, waar haar relieken rusten. De zaterdag voor de processie wordt in de kerk van Gistel een speciale misviering gehouden. Voor heel wat Gistelnaren is de processie de gelegenheid bij uitstek om met de familie samen te komen en in de namiddag naar de processie te gaan kijken of er effectief aan deel te nemen.
  7. Vandaag zijn er in Vlaanderen en Nederland 67 actieve Rederijkerskamers. Een groot deel daarvan is verenigd via het Verbond van de Kamers van Rhetorica vzw. De activiteiten van de nog bestaande Kamers zijn heel divers. Wat hen bindt, is taal in de brede zin van het woord. In Vlaanderen beoefenen rederijkers taal vooral via amateurtheater en in mindere mate via zang en dichtkunst. De Kamers organiseren ook wedstrijden en feestelijkheden. Ze worden geregeld gevraagd om deel te nemen aan historische stoeten of processies of om religieuze altaren van patroonheiligen in stand te houden. Een enkele Kamer houdt zich bezig met louter academisch onderzoek of het behoud en beheer van een middeleeuwse reus. Om hun werking uit te dragen naar het grote publiek organiseren de rederijkerskamers onder meer tentoonstellingen en geven ze uiteenlopende publicaties (tijdschriften, wetenschappelijk onderzoek, jubileumboeken…) uit. De rederijkerskamers maken ook werk van het beheer van hun roerend erfgoed en de archivering van hun documentair erfgoed.
  8. Jaarlijks vindt in de Faluintjesstreek – afwisselend in deAalsterse deelgemeenten Baardegem, Herdersem, Meldert en Moorsel – eind juli eenoogstfeest plaats, genaamd ‘de Pikkeling. De belangrijkste bestanddelen ervan zijn traditionele dans en muziek uit diverse landen, internationale folklore, veldactiviteiten en streekgastronomie.
    De Pikkeling groeide sinds 1970 uit tot een zeer sterk gedragen traditie, helemaal ingebed in de lokale gemeenschap van de Faluintjesgemeenten. Het is een goed georganiseerde en stabiele organisatie met een ruime betrokkenheid van de lokale gemeenschap, die steun geniet van de lokale handelaars, overheid en pers. Van plaatselijk gastgezin tot buitenlandse volksdanser, van het maken van een bloementapijt tot het leren bakken van ovenkoeken, van technische ploeg tot muzikant, van doorgewinterde ambachtslui tot ‘vlegelaars in opleiding’, van plaatselijke jongeren achter de bar tot bezoeker van de andere kant van het land: de Pikkeling is een volksfeest waar groot en klein, oud en jong, behoudsgezind en vooruitstrevend zijn gading vindt.
  9. Bron: cjsm.be

  10. Geels Gezinsverpleging wint ULTIMA 2016 voor immaterieel erfgoed

  11. Op 13 juni ontving de Geelse gezinsverpleging de ULTIMA, de vroegere Vlaamse cultuurprijs, voor immaterieel erfgoed 2016 tijdens een groots cultuurfeest in Kunstencentrum Vooruit.
  12. Sinds meer dan 700 jaar is Geel een gastvrij toevluchtsoord voor mensen die het psychisch moeilijk hebben. De Geelse Gezinsverpleging bouwt voortdurend verder op die sterke traditie. Momenteel verblijven er ruim 250 psychisch kwetsbare mensen dag in, dag uit in een gewoon gezin. Door de eeuwen heen gingen duizenden hen voor: zoekende mensen die een thuis vonden in de barmhartige stad. Het belang van die zorg kan moeilijk overschat worden. Rust en acceptatie vinden, een plek aan tafel, een eigen kamer, de warmte van een gezin, opgenomen worden in het sociale leven ... in Geel aankomen betekende voor ontelbare zoekenden het begin van een waardevol en gelukkig leven.
  13. Ultima 2016 Immaterieel Erfgoed De Geelse Gezinsverpleging
  14. Die traditie van Gezinsverpleging gaat terug tot de vroege Middeleeuwen en de legende van St.-Dimpna. Het verhaal luidt dat Dimpna, de dochter van een Ierse koning, op de vlucht sloeg voor de incestueuze intenties van haar vader. In Zammel, een gehucht van Geel, zou ze zich verscholen hebben. Maar haar vader kwam haar op het spoor en onthoofdde haar in een vlaag van waanzin. Toen de traditie van bedevaarten zich in Vlaanderen ontwikkelde, kwamen vele ‘krankzinnigen’ genezing afsmeken bij het graf van de Heilige Dimpna. Daar waar ze in andere dorpen en steden omwille van hun soms bizarre gedrag werden weggejaagd, werden ze in Geel geaccepteerd, omdat de Gelenaars zich, omwille van de legende, voorbestemd achtten om voor hen te zorgen. Op die manier werd Geel een toevluchtsoord voor vele kwetsbare mensen. Ze werden door de Gelenaars – tijdens of na hun negendaagse boetedoening – in huis genomen en bleven er wonen. Pas 167 jaar geleden werd die zorg geïnstitutionaliseerd met de bouw van ziekenzalen en ondersteunende diensten en de komst van psychiaters en verpleegkundig personeel.
  15. Geels Psychiatrische Gezinsverpleging, Geel, 22/5/2017
    Geels Psychiatrische Gezinsverpleging, Geel, 22/5/2017
  16. De jury motiveerde de toekenning als volgt: “De Geelse gezinsverpleging is een kwetsbaar thema dat op een integere manier wordt aangepakt. Het is een prachtig voorbeeld van hoe immaterieel cultureel erfgoed al eeuwenlang een gemeenschap aanzet om zorg te dragen voor psychisch kwetsbare mensen. Het draagvlak voor de traditie is bijzonder groot en sterk. Door de nauwe band met de lokale identiteit van de Gelenaars heeft de traditie een enorme veerkracht, wat zorgt voor een mooie verhouding tussen continuïteit en dynamiek.” De jury looft OPZ Geel en stad Geel die inspanningen leveren om de erfgoedwerking in stand te houden door middel van archiefdiensten, artistieke projecten, bezoekerscentrum, ommegang, tentoonstellingen, mondelinge onderzoeksprojecten en dergelijke meer. Uiteraard heeft de jury ook lof voor het meest wezenlijk dat uit de Dimpna-verering voorkomt: de zorg die nog dag in, dag uit voor meer dan 200 mensen met psychische kwetsbaarheid geboden wordt in de pleeggezinnen in Geel en de omgeving.
  17. Meer over de Geelse gezinsverpleging en hun acties vindt u hier.
  18. Meer over de Ultima's: ultimas.be

  19. SAVE THE DATE: 31/05/'17 - Praktijkdag Oogst wat je zaait

    Immaterieel cultureel erfgoed (ICE) en musea in de praktijk
  20. Mar 7, 2017 10:46 AM CET
  21. Immaterieel erfgoed inzetten om aan netwerking, vrijwilligerswerking, publiekswerking én collectiewerking te doen. Het kan!
  22. Tijdens de praktijkdag ‘Oogst wat je zaait’ doe je met beide voeten in volle grond inspiratie op en leer je wat werken met immaterieel erfgoed in je museum méér kan opbrengen. Daarbovenop wissel je kilo’s ervaring uit met collega’s.
Like
Share

Share

Facebook
Google+